De smaak van cider

Op dit moment verkopen wij meer dan 100 verschillende ciders en poirés in onze winkel. De smaken van deze ciders en poirés verschillen enorm; van fris zoet tot zeer droog en van verfijnd tot stevig en robuust. Om de verschillen tussen deze ciders en poirés wat inzichtelijker te maken hebben wij ons assortiment ingedeeld in zogenaamde ‘smaakprofielen’. Deze smaakprofielen kunnen u helpen bij het maken van uw keuze voor een bepaalde cider of poiré. Er zijn 6 smaakprofielen:

  1. Knisperend droog
  2. Fruitig en fris
  3. Zachtzoet en rond
  4. Vol en zoet
  5. Hartig en kruidig
  6. Stevig en boers

Om het bovenstaande te verduidelijken en beter zichtbaar te maken hebben wij deze 6 smaakprofielen een plekje gegeven in ons: Appels en Peren ciderhuis

Het ciderhuis heeft 4 verdiepingen: een zolder, de 2e etage, 1e etage, en de begane grond. Boven in het huis bevinden zich de zoetste ciders, op de begane grond de droogste ciders.

Aan de rechterkant van het huis bevinden zich de wat rijpere ciders. Dit zijn veelal ciders die wat langer gerijpt hebben en die ‘Funky’ kunnen zijn.
‘Funky’ is een Engelse term die gebruikt wordt om aan te geven dat de cider geuren en smaken heeft die omschreven kunnen worden als: kaas en stal/stallucht (zoals stro, natte dieren, muffig, aards, eieren, zwavel etc.). Dit zijn smaken die een cider weliswaar meer karakter en complexiteit geven, maar die niet door iedereen lekker worden gevonden. De ciders aan de rechterkant van het huis zullen over het algemeen ook wat meer tannines bevatten.

Aan de linkerkant van het huis bevinden zich de ciders die weliswaar ook dro(o)g(er) zijn, maar lichter en niet funky zoals de ciders aan de rechter kant van het huis.

Op zolder in het midden van het cider smakenhuis:
Smaakprofiel: 4 Vol en zoet.
Dit zijn zoete ciders en poirés gemaakt van het rijpste fruit en vol met natuurlijke suikers. Ze bevatten weinig zuren en geen tannines. Over het algemeen hebben ze een laag alcoholpercentage.

Deze ciders en poirés zijn lekker bij:
• Op zichzelf als dessert
• Blauwe kazen en patés
• Dessert (bv. crème brulée, tarte tatin, witte chocolademousse etc.).

Op de 2e etage direct onder de zolder (gedeeltelijk) over de breedte van het huis:
Smaakprofiel: 3 Zachtzoet en rond (medium).
De meeste ciders en poirés vallen binnen dit smaakprofiel. Dit smaakprofiel omvat de ciders en poirés zoals je ze krijgt in een Bretonse crêperie of de medium cider in een Engelse pub. Volle ciders met frisse zuren en/of bitter als tegenhanger voor het zoet. Het is een brede categorie en omvat ciders die nog redelijk zoet zijn (medium-sweet) maar ook ciders die wat droger zijn (medium-dry). Daardoor is het mogelijk dat bepaalde ciders binnen dit smaakprofiel (de wat drogere) licht funky zijn.

Deze ciders zijn lekker bij:
• Voorgerechten zoals patés en rillettes
• Belegen kazen, pittige bergkazen, roodschimmels- en lichte blauwe kazen als een mooie tegenhanger
• Pittige Aziatische gerechten (Thaise curry en Chinese sojagerechten) en de Indiase keuken
• Stoofgerechten met varkensvlees en Engels pub food (shepherd’s pie etc.)
• Bij lichte zomerse desserts zoals fruit en schuimgebak en crêpe Suzette.

Op de 1e etage links:
Smaakprofiel: 2 Fruitig en fris (off-dry).
Ciders en poirés die net niet helemaal droog zijn. Een licht zoetje versterkt het fruitige karakter. Hierdoor zijn het makkelijke ciders; frisse, dorstlessende doordrinkers. Tannines zijn beperkt aanwezig.

Deze ciders zijn lekker bij:
• Schaal en schelpdieren (kreeft, krab, gamba’s, mosselen)
• Vis (rauwe zalm, tonijn, makreel, sushi)
• Zachte witte kazen (mozzarella en roomkazen)
• Licht pittige gerechten (Japanse/Chinese keuken, milde Thaise gerechten).

Op de 1e etage rechts:
Smaakprofiel: 5 Hartig en kruidig.
Elegante ciders en poirés met weinig fruitigheid en zoet. Door de wat langere rijping van deze ciders hebben ze een hartige en kruidige smaak gekregen en daardoor een geheel eigen karakter. Ze bevatten weinig tot geen restzoet, wel tannines en soms wat funk.

Deze ciders zijn lekker bij:
• Een lichte zomerse maaltijd, als vervanger van bier of witte wijn
• De Italiaanse keuken (pasta’s en pizza’s)
• Provençaalse keuken (veel knoflook en kruiden)
• Pittige worsten (salami, chorizo) en kazen.

Op de begane grond, helemaal links:
Smaakprofiel: 1 Knisperend en droog (dry).
Echte droge ciders, met weinig tot geen restsuiker. Ze hebben een frisse smaak vanwege de aanwezige zuren. Ze komen licht over, maar kunnen relatief veel alcohol bevatten omdat er meer natuurlijke suikers zijn vergist. De aanwezige tannines zijn jong en fris. De ciders in deze categorie zijn veelal jong of er heeft een tweede vergisting plaatsgevonden.
Deze ciders zijn lekker bij:
• Als aperitief of als een alternatief voor een droge champagne
• Olijven en rauwe ham
• Seafood zoals oesters, mosselen en gegrilde (niet te vette) vis.

Op de begane grond, helemaal rechts:
Smaakprofiel : 6 Stevig en boers.
Stevige en stoere ciders. Aardse aroma’s en tannines overheersen en zorgen voor een boerse/funky smaakbeleving. Door de langer rijping zijn de fruitaroma’s vrijwel verdwenen; de appel is bijna niet terug te herkennen. De tannines zorgen voor een stevige structuur. Een perfect alternatief voor het glas rode wijn bij de maaltijd.

Deze ciders zijn lekker bij:
• Vleesgerechten, stoofschotels in het bijzonder
• Boeuf Bourguignon
• Engelse steak and kidney pie
• Limburgs Zoervleisch
• Wild (bv. haas of hert)
• Bij echte winterkost (stamppot boerenkool met spek en rookworst of snert).